Tokyo plog – Kimono’s kijken

Vandaag begon ik m’n dag met rondneuzen in shopjes die traditionele Japanse producten verkopen. Er zaten – em – interessante dingen bij.

     
Toen pakte ik de metro naar Shinyuku. Ja, het is echt waar: Japanners vormen nette rijen om achter elkaar de metro in te stappen. Daarbij al dan niet geleid door strepen en vakken op de vloer. En dat is niet alleen bij de metro maar af en toe ook op straat of in musea. Ik word er af en toe wat rebels van.

 

Als lunch ging ik voor Okonomiyaki, oftewel Japanse pannekoek. Gemaakt met kool als basis. M’n ‘I’ll have what my neighbour is having’ techniek pakte goed uit. Yum.

Daarna liep ik naar Isetan, een soort upgrade van de Bijenkorf zeg maar. Maar met een complete tuin op het dak met kinderspeelplaats, pergola’s, een shinto-tempel (en dan niet zo’n lullig mini-gevalletje) en een zentuin. Naja, mijn mond viel open.
  
En dat is maar één van de voorbeelden van hoe je in deze megastad op allerlei onverwachte manieren rust kunt vinden. Ten eerste is de drukte hier compleet anders dan drukte in de Kalverstraat of in New York. Ja, er zijn mensen maar het voelt niet druk. De drukte vloeit gewoon om je heen als water. Woooowww, ik begin effect te merken…sterk spul dat Tokyo!

Prachtig ook om te zien hoe naast een enorm kantoor gebouw opeens een smalle spleet is waar je dan een prachtige tempel tegenkomt. In dit geval de Hanazono tempel, waar veel zakenmannen tussen de middag even wat geestelijke bijstand komen halen.


  

En toen belandde ik in de hemel. Onee, in de Japanse tuin van van Shinyuku Gyoen National Garden waar het door de bloesembomen echt adembenemend mooi was. Ik hoorde water stromen, zag sakurablaadjes vallen, snoof de geur van dennenbomen op en zag dat alles goed was.

Mooi he. Tussendoor at ik nog even m’n fruithapje. In Japan is fruit ontzettend duur en dus ook bijna niet te krijgen in de supermarkt, maar ik merk dat ik het zo langzamerhand begin te missen. Dus vandaar m’n move naar gedroogde mango. Eigenlijk is eten in het openbaar not done, maar ik deed het lekker toch. Achach, die rebel in me..

Op de kaart van het park hadden ze overal heel gedetailleerd vrolijke boompjes en bloempjes neergezet, maar konden daardoor nergens engelse vertalingen meer kwijt. Toch jammer.

  

Daarna ging ik thee drinken in een traditioneel theehuis. Ik moest er een groene thee voor overhebben (juk), maar voila, kan dat ook weer van m’n checklist. Na het park hopte ik hip binnen bij een paar fotogaleries. Ik zag Mount Fuji weer op wel 40 verschillende manieren en een serie straatfotografie waarvan ik de foto’s vooral in combinaties met elkaar geslaagd vond.

 
M’n nodige dosis bizarre katten voor de dag kwam ik ook weer moeiteloos tegen.

  

Daarna werd ik voor een opdracht van Tracy en Baptist naar de kimono-afdeling van het superdure warenhuis Tasashimaya gestuurd. Met als opdracht om me daar in een kimono te laten hullen. Zodra ik zag dat de kimono’s vele honderden euro’s kosten én er 7 man bediening me in de gaten hielden, besloot ik het bij een paar sneaky foto’s te laten. Maar mooi om te zien was het wel.


Daarna direct naar het Park Hyatt hotel. Doet dat in combinatie met Tokyo een belletje rinkelen? Juist, het is het hotel waar Bill Murray en Scarlet Johansson in rondhuppelen in de film Lost in Translation. Van Yuki moest ik daar eventjes een cocktail gaan drinken, maar man man man, ik moest echt al m’n moed bij elkaar schrapen om dat poepsjieke geval binnen te gaan. Ik haalde het tot de rooftopbar, maar niet tot de cocktail. In plaats daarvan maar een foto in de lift waar Bill en ScarJo elkaar voor het eerst zien.

  

 De dag sloot ik super-zen af met een dikke hamburger en skypesessie. Moet kunnen.