Google, Facebook en Twitter bepalen onze culturele canon

Op NRC verscheen vorige week een vertaling van een stuk dat Karl Taro Greenfeld onlangs schreef voor de New York Times over hoe steeds meer mensen hun culturele kapitaal op peil houden door blurbs die ze op Twitter en Facebook voorbij zien komen doordat ze geen tijd hebben om het hele boek te lezen of een film compleet af te kijken.

Twitter

En wie bepaalt welke culturele blurbs de meeste zichtbaarheid krijgen in onze timeline? Juist..

Omdat er zo veel op telefoons en beeldschermen gekeken wordt en we voortdurend sms’en en twitteren hoe druk we het hebben, is er geen tijd meer over om de oorspronkelijke materie tot ons te nemen. In plaats daarvan vertrouwen we op de terloopse observaties van onze ‘vrienden’ of de mensen die we ‘volgen’ of… wie eigenlijk? Wie bepaalt wat we weten, welke opvattingen we meekrijgen en welke ideeën we hergebruiken als onze eigen ondervindingen? Dat moeten dan algoritmen zijn, aangezien Google, Facebook, Twitter en de overige sociale media binnen het postindustriële stelsel deze ingewikkelde wiskundige modellen gebruiken om precies bij te houden wat we lezen, bekijken en kopen.

We hebben onze mening uitbesteed aan een stroom gegevens die ons tijdens een etentje uit de wind houdt, maar als jij en ik interessant zitten te doen over de film The Grand Budapest Hotel en we die geen van beiden gezien hebben, zijn we eigenlijk sociale media-feeds aan het vergelijken.