Popularisering literatuur kwestie van waardenverschuiving

Ik schreef al eerder een blog waarin ik zijn prachtige beschrijving van de beroemde cultuuranalyst Walter Benjamin aanhaalde, maar het boek ‘De Barbaren‘ van Alessandro van Baricco bevat veel meer pareltjes van analyses over populaire visuele cultuur. In het boek dat een verzameling is van column-achtige stukken, geschreven in heldere en uiterst humoristische stijl, tracht Baricco te komen tot een verklaring van de popularisering van kunst, ofwel de opkomst van zogenaamde ‘low culture‘, ofwel in Baricco’s woorden: de invasie van de barbaren. In plaats van veroordelend te werk te gaan, probeert hij door middel van logica te zogenaamde ‘barbaren’ een gezicht te geven en hun motieven te ontleden. En zo komt hij vaak tot uiterst interessante conclusies, zoals bijvoorbeeld over de grote populariteit van lectuur tegenover de literatuur.

Als je een ranglijst van de best verkochte boeken bekijkt, tref je daarin een ongelooflijke hoeveelheid boeken aan die niet zouden bestaan al ze niet hun oorsprong zouden vinden, zogezegd, in een punt dat buiten de boekenwereld gelegen is. Het zijn boeken waarvan een film is gemaakt, of romans geschreven door tv-persoonlijkheden, of verhalen van mensen die op de een of andere manier beroemd zijn (ze vertellen verhalen die ook al ergens anders zijn verteld, of ze verklaren gebeurtenissen die al eerder hebben plaatsgevonden, op een ander moment of in een andere vorm). Natuurlijk heeft het iets ergerlijks en geeft het zo’n vaag gevoel van wijdverbreide rotzooi, maar het is ook zo dat daar, in zijn meest vulgaire vorm, een principe doorklinkt dat juist helemaal niet vulgair is: het idee dat het bestaansrecht van het boek ligt in het feit dat het zich aanbiedt als mozaiëksteentje van een meer omvattende ervaring [..]. 

Wat Baricco hier poneert is de stelling dat de barbaren dus niet zozeer de literatuur afwijzen uit domheid of onverschilligheid maar omdat het niet voldoet aan hun gebruik van boeken. ‘Barbaren’ gebruiken boeken om betekenis te genereren en zaken mee te verklaren of te verrijken die buiten de literaire wereld liggen. Logisch dus dat ze een boek dat voornamelijk ‘bestaat’ in de literaire wereld, en hiermee bedoel ik dat de betekenis en waarde van het boek voornamelijk bestaat binnen de cultuur-historische of literaire context, totaal niet interessant vinden:

Om het goed te kunnen begrijpen moet je eens denken aan, laten we zeggen, Faulkner. Als je met Faulkner wilt afdalen in een van zijn boeken, wat heb je dan nodig? De ervaring dat je heel veel andere boeken gelezen hebt. In zekere zin moet je de hele literaire geschiedenis beheersen, je moet de literaire taal beheersen en gewend zijn aan het afwijkende leestempo, en een bepaalde smaak en een bepaald idee van schoonheid koesteren die in de loop der tijd zijn gevormd in de literaire traditie. [..] De kwaliteit van een boek, voor de barbaren, schuilt in de hoeveelheid energie die het kan ontvangen van andere verhalen, en vervolgens weer kan doorgeven aan nieuwe verhalen. Als er hoeveelheden wereld ‘door het boek heen gaan’ is dat boek het lezen waard; terwijl een boek dat de hele wereld bevat, maar dan in ‘stilstand’, zonder communicatie met de buitenwereld, een nutteloos boek is. [..] De barbaren gaan in de richting van boeken, en met alle plezier, maar voor hen zijn alleen boeken die in die taal zijn geschreven van waarde: zo zijn het namelijk geen boeken maar segmenten van een grotere sequentie, geschreven in de taal van het imperium, die wellicht is begonnen in de bioscoop door een liedje heen is gegaan, op tv is aangelegd, en is verspreid over internet.’

Wat Baricco hier schetst is een interessante ontwikkeling, misschien zelfs een paradigma-wisseling te noemen, namelijk het feit dat het boek op zichzelf geen waarde meer heeft, de waarde ligt buiten het boek, in de toepassing ervan in het dagelijks leven of misschien zelfs bij existentiële levensbeslissingen.

Hoe graag ik als cultuurwetenschapper ook af en toe het ‘spelletje’  beoefen van het analyseren van boeken in ontwikkeling van personages, de verborgen symboliek probeer uit puzzelen uit het kleur- of perspectiefgebruik in films, of een tweede laag tracht te ontrafelen uit de gebruikte verftechniek bij kunst, onderschrijf ik Baricco’s argument van harte. Kunst- en in lichtere mate, literatuurkritiek is de laatste jaren in zwaar weer door de kritiek dat het veel te elitair is en daardoor niet meer aansluit bij de behoeftes van de lezers. Wellicht is het weer eens tijd om te gaan lezen ‘zonder enige kennis van zaken’ zoals de jongens van Literaturfest dat bijvoorbeeld trachten te doen. Waardoor een boek goed mag zijn doordat het je doodgewoon raakt of inspireert  Boeken horen tot slot van lezers te zijn, niet van critici.

Leave a Reply